Overtuigingen

WellBased

Leerdoelen

Dit thema heeft de volgende leerdoelen: 

  • Leerling weet wat overtuigingen zijn. 
  • Leerling weet hoe overtuigingen emotie geven en bedrag beïnvloeden.
  • Leerling leert hoe je je eigen overtuigingen kan vinden.
  • Leerling begrijpt hoe lastig het is overtuigingen te veranderen.
  • Leerling maakt kennis met een manier om je eigen overtuigingen te veranderen.
  • Leerling weet hoe overtuigingen de samenwerking kunnen beïnvloeden en hoe je hiermee omgaat.

 

Welk model wordt er gebruikt?

Iedereen heeft overtuigingen, maar deze zijn niet zo makkelijk vanaf de buitenkant te zien. Iemand die het belangrijk vindt om altijd op tijd te zijn, zal echt niet bij de eerste ontmoeting zeggen: ”Hoi, ik vind het belangrijk dat jij altijd op tijd bent!” Deze overtuigingen zitten vanbinnen. Wel zal je dit terugzien in iemands gedrag, bijvoorbeeld dat diegene altijd zal proberen om op tijd te zijn. Hiervoor heeft die persoon geleerd om altijd goed op de tijd te letten. 
 
We kunnen dit het best uitleggen volgens het model van een ijsberg. Bij een ijsberg zie je namelijk ook alleen maar het bovenste stukje dat boven water zit, maar niet het nog veel grotere deel dat onder water zit! Met overtuigingen is dit eigenlijk precies hetzelfde. Je ziet wat mensen doen, namelijk hun gedrag, maar je ziet niet wat hun overtuigingen zijn en wat ze daarover geleerd hebben. 

 

Bron: van der Horst, A., Hoogstraten, P., Meyer, H., Serlie, A. W., & Wanrooy, M. J. (2013). Groot psychologisch modellenboek: 51 modellen voor ontplooiing van jezelf en anderen. Van Duuren Management, Van Duuren Media BV.

 

Verdeling over sessies

Dit thema bestaat uit de volgende 3 sessies van 30 minuten: 

  1. In de eerste sessie leren de leerlingen wat overtuigingen zijn aan de hand van het model van de ijsberg. Hierbij leggen ze een verband tussen de overtuiging, hoe deze aangeleerd is en het gedrag dat hierbij wordt vertoond. Ook leren de leerlingen over het verschil tussen helpende en belemmerende overtuigingen.
  2. In de tweede sessie wordt de rol van je omgeving in je overtuigingen behandeld. Daarnaast gaan de leerlingen bepalen hoe je een belemmerende overtuiging kan veranderen. 
  3. In de laatste sessie gaan de leerlingen samen een puzzel leggen, terwijl zij allemaal een andere instructie hebben van wat een goede samenwerking inhoudt. Zo leren zij over de rol van overtuigingen in samenwerking en hoe je daarmee om kunt gaan. 

 

Voorbeeld video